“Werkt u hier of ik?”

Reacties uitgeschakeld voor “Werkt u hier of ik?”
januari 7th, 2006 Permalink

Eén van mijn goede voornemens voor 2006 had betrekking op mijn gedrag in winkels. Aan de kassa wil ik namelijk nog wel eens te praktisch zijn en vooral cassières hebben de neiging daar erg nerveus van te worden.

Aangezien wij in de binnenstad wonen, hebben we heel veel winkels op loopafstand. Daarom heb ik doorgaans geen behoefte aan overbodige plastic tasjes of complexe inpakacties van aangekochte waren. Maar het blijkt dat de 16-jarige dames achter de kassa in toenemende mate niet zijn voorbereid op iemand die een mening heeft over inpakken of een tasje weigert. Het leverde soms bijzonder rare situaties op, vooral wanneer ik glas of keramiek kocht. Dat wilde ik niet meer, dus nam ik me voor om in 2006 een cassière gewoon te laten doen wat ze niet laten kan.

Vandaag ga ik er even opuit om een aantal grote glazen vazen te scoren. Ik slaag uiteindelijk bij de lokale blokker en begeef me met vijf exemplaren van elk 25 cm hoog en 15 cm doorsnee naar de kassa. Er is één of andere uitverkooop aan de gang, dus schandalig druk. Van slechte economische omstandigheden of lege zakken door een dure decembermaand is weinig te merken. Ik sluit achteraan en wacht geduldig op mijn beurt.

Dat wachten is niet mijn ding, want ik wordt helemaal gek in die winkels met een te laag plafond en te felle TL verlichting. Bovendien zijn ze vaak te warm naar mijn zin … wil ik het nog niet hebben over die ouders met kinderwagens die doorlopend tegen je aan raggen.

Een minuut of 20 later ben ik eindelijk aan de beurt. Met haar rechterhand verwerkt de dame achter de kasse mijn aankopen, terwijl haar linker ze geroutineerd op een kassa aanslaat. Veel ouder dan 15 of 16 is ze niet. Afrekenen en weg … maar nee: “Kadootjes?” Nee, dat zijn het niet, dus dat geef ik ook aan. Het antwoord lucht haar zichtbaar op. Onder de vermelding “geen geschenkverpakking” schuift ze de boel naar een collega die nog jonger lijkt.

Zij pakt de 5 glazen vazen aan en rukt tegelijk zo’n 2 meter papier van de rol inpakpapier. Natuurlijk wijs ik haar erop dat het geen kadootjes zijn, dus dat ze niet ingepakt hoeven te worden. Lachend kijkt ze me aan: “Dat begreep ik al van mijn collega. Dit sinterklaaspapier wikkelen we er uitsluitend omheen voor de zekerheid. Ik ga ze niet inpakken hoor.”

Mijn opluchting verdwijnt als sneeuw voor de zon op het moment dat ik zie hoe ze het er omheen gaat wikkelen. Dit meisje zal vast veel beheersen, maar het eenvoudig inpakken van een vaas valt daar niet onder. Met mijn goede voornemens in mijn achterhoofd, lach ik haar vriendelijk toe wanneer ze na net geen 10 minuten de eerste vaas van beschermende verpakking heeft voorzien en mij het met gepaste trots laat zien.

De tweede blijkt complexer, want die heeft een serieus handvat. De vaas lijkt een beetje op de karaf van “Het Melkmeisje” van Vermeer. Terwijl het meisje worstelt met inpakpapier vrees ik het ergste. Nog eenmaal overweeg ik mijn goede voornemen, maar dan besluit ik haar er toch op te wijzen dat ik 40 meter verderop woon en dat inpakken eigenlijk helemaal niet hoeft. In al mijn naïviteit ben ik er van overtuigd dat ik haar daar een enorm plezier mee doe.

Maar dat blijkt anders te liggen: “Werkt u hier of ik?” Ze werpt het me bot voor de voeten en als bonus geeft ze me een blik die nog minder vriendelijk is. “Wij pakken hier alles in, of u het leuk vindt of niet.”

Bijna bedelend moet ik daarna de cassière aangekeken hebben. Die lachte me vol begrip toe, maar greep niet in. Ik had geen andere keuze dan af te wachten tot die Pipi Langkous mijn vijf vazen beschermend had verpakt. Dat duurde daarna nog minstens een half uur. 10 minuten later stonden ze uitgepakt en schoongemaakt op mijn aanrecht. Klaar voor gebruik.

Dat inpakken heeft al met al net geen uur geduurd. Tel daar die 20 minuten in de rij bij op en de frisse behandeling en 1 conclusie is duidelijk: daar zien ze mij voorlopig niet meer terug. Goed voor de business wel, dat jonge personeel.

Comments are closed.