Category: Zoranet

Ik stem tegen de WIV

Reacties uitgeschakeld voor Ik stem tegen de WIV
maart 21st, 2018 Permalink

Vandaag stem ik tegen de WIV, de nieuwe wet die bepaalt wat overheidsdiensten mogen doen om bij jouw data te komen. Ik leg onderstaand uit waarom ik tegen stem en begrijp me niet verkeerd: de huidige wet is klote, maar dat betekent niet dat een vervanger automatisch beter is.

Bijna 15 jaar had ik een telecombedrijf en aangezien we groot waren in betaalverkeer (pintransacties) hadden we een positie bij diverse toezichthouders en de overheid. In die hoedanigheid sprak ik regelmatig met bobo’s van financiële instellingen, kamerleden, mensen van ministeries (incl ministers) en hun adviseurs. Met mijn bedrijf heb ik meegebouwd aan een klein deel van de kritische infrastructuur die er nu in Nederland ligt.

Kort door de bocht zegt de huidige wet dat een opsporingsambtenaar nu een verdachte op het netvlies moet hebben om een formeel tapverzoek te mogen doen bij een provider die daar dan aan mee moet werken. Daarvoor kan de provider een kostprijs-factuur sturen (uurtarief voor een telecommedewerker die 4500 euro bruto per maand verdient is vastgesteld op 29 euro). Los daarvan krijgt justitie dagelijks van alle providers een overzicht van abonnees, adressen, IP nummers, e-mailadressen, etc. Ook daar krijgt een provider een financiële vergoeding voor (Euro 11.500 per jaar + 2% indexering).
In de nieuwe wet houdt de overheid deze mogelijkheden, maar mogen ze ook bulkinterceptie toepassen zonder dat er een verdachte op het spoor is: ze mogen een groep mensen afluisteren en tappen wie ze willen. En mogen actief pogingen ondernemen om bij je data te komen: ze mogen je telefoon, computer, etc hacken. En die data mogen ze zonder het zelf ingezien te hebben delen met overheidsdiensten wereldwijd.
En met data hebben we het over alles dat je digitaal hebt. Je foto’s, films, bankgegevens, medische details, emails, chatlogs, posts op social media, browse-verkeer en noem maar op. Als het digitaal is, dan mogen ze bij, wanneer ze maar willen. En dat mogen ze delen met wie ze maar willen en wanneer ze maar willen.

Dat verschil tussen de wetgeving nu en het nieuwe voorstel is enorm groot en tackelt de verkeerde dingen. Zeker als je weet dat Nederland nu al het land is waar het meest afgetapt wordt. Jij dacht natuurlijk dat het Rusland was heh. Fout: Nederland is koploper.

De huidige regelgeving is ruk. De essentie is misschien goed, maar voor de uitvoerder (de opsporingsambtenaar en afdelingen) is het onwerkbaar. Dat leidt tot rare gesprekken, zoals ik hier weleens heb opgeschreven over een aanslag die later verzekeringsfraude bleek. Die gekke insteek heeft niets te maken met de hoeveelheid data die ze hebben, maar met het hele proces daaromheen. Het is op juridisch niveau een zooi, niet op het niveau van gegevens. Concreet hebben ze meer data dan ze aankunnen of kunnen analyseren, getuige het aantal aanslagen dat gepleegd wordt door mensen die in beeld waren bij de inlichtingendiensten, voordat ze de aanslag pleegden. Meer data gaat dus niet helpen.

Het uitwisselen van niet gevalideerde data (dus: ongezien, niet beoordeeld) met buitenlandse regimes is helemaal moeilijk. Je loopt kans dat jouw foto’s richting landen gaan die een andere interpretatie hebben van een plaatje dan jij of die Nederlandse opsporingsambtenaar, voor zover je data in Nederland al bekeken is.

Consequentie? Je deelt een spotprent van Erdogan of Trump via WhatsApp en gaat er een half jaar later naartoe voor je werk of op vakantie. Bij de grens krijg je gedoe, allemaal geautomatiseerd: een online robot heeft je data geanalyseerd, de foto en andere dingen gevonden, daar een relatie tussen gelegd en vervolgens mag je op het vliegveld 9 uur lang tekst en uitleg geven over je goede bedoelingen.

Ho Van Veen, dat gaat zo’n vaart toch niet lopen? Waarom niet? Ik ben in Detroit weleens een groot deel van mijn dag kwijt geweest omdat een overijverige grensbewaker stippen met elkaar verbond die onderling nul relatie hadden. Dat was niet een hele fijne ervaring.

In Tsjechië heb ik pre-social media en pre-smartphone ooit 2 dagen vast gezeten, nadat ik een onschuldige foto maakte van een mooi uitzicht over een vallei. Dat plaatje bleek minder onschuldig dan ik had voorzien. Het was een heterdaadje dus ik zag wat er gebeurde en de agent met ‘man in lange jas’ legde me keurig uit wat ik verkeerd had gedaan en waarom. Tijdens mijn hechtenis heb ik gesprekken gevoerd over wat ik in mijn zak en tas bij me had maar bleef de rest van mijn leven er buiten omdat er niet digitaal gedacht werd. Na twee dagen waren ze van mijn onschuld overtuigd, kreeg ik excuses met vier blikken bier en een droge worst en kon ik weer gaan. Als me dat onder de nieuwe wet gaat overkomen dan bestaat de kans dat ze de foto koppelen aan totaal ongerelateerde aspecten die ik uitwissel met collega’s bij redacties waar ik research voor doe, met mogelijk andere consequenties.

Je wilt een ander voorbeeld?

Een collega was op vakantie in Egypte. Toen ging er in Israël iets stuk bij een Telco. De fabrikant belde of we het konden fixen. Dat konden we en toevallig hadden we dus een medewerker in de buurt. Die haalde bij een depot in Egypte een printplaat-met-stekkers op, stopte die in zijn handbagage en kocht een enkele vlucht naar Tel Aviv. Op Ben Gurion Airport werd hij apart genomen: onze Nederlandse Mo was Marokkaanse komaf + printplaat-met-stekkers + enkele vlucht. Een geautomatiseerd systeem bepaalde dat onze Mo een risico kon zijn voor het land. Een dag zat hij vast voordat hij aan het werk kon.

Logisch, niet?

Nou, voeg daar in het nieuwe systeem even 4 terabyte aan data bij die ze via de NL veiligheidsdiensten over Mo in de nieuwe regeling zouden hebben ontvangen. En bedenk je dan even wat in die 4Tb van jou zou kunnen zitten. Je hebt gemaild met Mo? Je hebt hem een grapje gestuurd over een bevriend staatshoofd? Je hebt hem wellicht uitgelegd waar de boerderij van Netanyahu staat en waarom dat een heilige plek is voor de Joden? Je hebt grapjes gemaakt over zijn Islamitische geloof? Plots ben jij daar in beeld. Wat denk je dat het met jou doet als je daar een keer op bezoek gaat?

Andere voorbeelden kun je zelf bedenken.

Dat delen van die informatie wereldwijd is iets dat me heel veel zorgen baart. Onze informatie wordt dan onderdeel van internationale handjeklap en budget-discussies. Onze bijdrage aan een missie in Afghanistan is dan niet meer gericht op het sturen van militairen, maar op het aanleveren van data aan onze bondgenoten. Dat gebeurt nu ook, maar in beperkte mate. In het nieuwe model kan dit gruwelijk uit de hand lopen, zeker wanneer er budgettaire gaten gedekt moeten worden of wanneer Tb’s plots tellen in een afspraak met Erdogan over het behandelen van Syrische vluchtelingen.

Brrrr.

Ja, er moet een nieuwe wet komen, maar het huidige voorstel tackelt de verkeerde aspecten. Daarom dus NEE.

Jullie waren er altijd

Reacties uitgeschakeld voor Jullie waren er altijd
juli 11th, 2016 Permalink

Zoranet_Glass kopieEen week of twee geleden schreef ik een blogje over het administratief einde van mijn oude internetprovider nu Ziggo de gekochte business na drie jaar volledig geïntegreerd heeft. De korte terugblik is nog altijd ongelofelijk populair en levert vooral via mail en LinkedIn veel reacties op van (ex) klanten tot (ex) medewerkers en van toezichthouders tot concurrenten.

Door een aantal van die reacties realiseerde ik me hoeveel impact we eigenlijk hadden en hoeveel mensen bij ons zaten om wie we waren en wat we vonden. En hoeveel mensen nog altijd aan toen denken. Hartverwarmend, maar ook confronterend.

Jullie waren er altijd

Die mail van een hele grote retailer is een ode aan Joyce en Petra. Aan Sibrand, Lisa, Lisette, Liesbeth, Petra en Funda. En aan de support-engineers en de fieldservice-crew. Geen belcomputers, geen keuze-menu’s, maar mensen die wisten dat je niet voor je plezier naar je telecomprovider belt. Ze wilden je heel graag helpen en die benadering wordt nog altijd enorm gewaardeerd.

Monteurs gingen pas weg als het werkte

Geen complexe werkbonnen, geen gedoe met handtekeningen, maar gewoon actie. Een belletje of mailtje leidde af en toe tot een monteur op locatie en die ging het oplossen. Dat duurde soms wel drie uur en dat was een enkele keer op een waddeneiland. So what?

Nog altijd credits: “Die monteur ging weg en gaf me zijn mobiele nummer. Dan kon ik hem bellen als het niet goed werkte.”

Soms kregen we het ook niet opgelost

“Weet je nog die keer dat jullie dat IS/RA punt in de winkel niet konden vinden en dat het op de 3e verdieping in dat verhuur-appartement bleek te zitten?”

Oooops: soms deden we het niet helemaal conform opdracht

“SDSL hadden we besteld, maar door die fout bij jullie kregen we ADSL. Hebben we veel geld mee bespaard en het image van onze IT afdeling intern op de proef gesteld.”

En soms moesten we het met elkaar leren

“Man, het was echt fun, wat een gave tijd was dat zeg. Ik kijk er met heel veel plezier op terug. Veel geleerd ook.”

Ja, wij ook.

Dat spoedje 

“Wij waren 36 winkels vergeten aan te melden, dus hadden jullie ze niet overgezet. Zo begon het. Twee dagen voordat het pin-contract verliep kwamen we erachter en toen regelden jullie binnen een dag op faxlijnen die DSL verbindingen met PIN.”

Oh ja, dat weet ik nog. Weet je wie dat ook nog weet?

Yep, de toezichthouder

“We spraken elkaar voor het eerst toen jij op die bijeenkomst voorstelde onderhoud aan netwerken rond de feestdagen te verbieden bij providers en banken. Het tweede contact was minder prettig, want toen belde je opgefokt over het weigeren van die certificering op die winkels met die pin-problemen.”

Opgefokt. Ja, dat was soms nodig. 

Teveel mensen in de telecom (en elders) zijn bezig met procedures en vinkjes en te weinig met een werkende oplossing. Allemaal processen die aan een bureau worden bedacht door een HBO’er die nog nooit een stap aan de frontlinie heeft gezet en die geen idee heeft hoe het er in de echte wereld aan toegaat. Theorie wint het bij dat soort gasten van de praktijk, dan krijg je koninkrijkjes en daar is een klant altijd de dupe van. Daar kan ik heel slecht tegen, dus ja, dan moest het soms even wat minder vriendelijk.

Als beaamd door een leverancier

“Wij deden het zeker niet goed, waarna jij er bij ons over the top inging. Terecht dat je boos was. En hoewel het je echt om die klant te doen was, kon de manier waarop je dat deed echt niet. Maar het is goed gekomen.”

Inderdaad: 20 minuten voor die grote opening met duizenden mensen. Hakken over de sloot, waardoor iedereen uiteindelijk zijn voortanden behield. Vraag me nog regelmatig af waarom de receptie, inclusief twee beveiligingsmensen, mij door liet lopen.

En een andere leverancier

“Mooie tijd. Ik herinner me nog iets over een bug-report van 70 A4tjes. Weet niet meer hoe het zat, maar het deed veel pijn in Japan.”

Nou, ik weet nog wel hoe het zat. Een serie dure switches deed niet wat het volgens de documentatie zou moeten doen. Volgens bobo’s in Japan begrepen wij niet wat we aan het doen waren en een techneut van ons vond dat jullie firmware niet goed was. En om een ja-nee discussie voor te zijn, tikte hij een bug-rapport in elkaar. In detail. En dat werd met schema’s en tekeningen ruim 70 A4tjes. En aangezien jullie het beter wisten, hadden jullie die PDF niet bekeken ter voorbereiding op die conference call. Na enig aandringen van ons opende iemand die PDF, waarna het stil was. Meer dan 10 minuten. Daarna mocht die engineer van ons dat bugje bij jullie EMEA Hq in Parijs toelichten, waarna de boel ASAP gefixed werd. Op excuses wacht die engineer volgens mij overigens nog altijd.

Geen bullshit 

“Ik heb moeten wennen aan die directe open communicatie. Was zo gewend aan politiek dat ik overal wat achter zocht. Pas na een jaar of twee begreep ik dat jullie echt alle kaarten op tafel legden in de zoektocht naar een snelle oplossing.”

Wij wilden de organisatie graag klein houden en dat kan alleen maar als je de boel snel oplost. Daar past slechts openheid en heb je niets aan ‘escalatie managers’, of types met de titel ‘special projects’. Of weet ik het.

Beter laat dan nooit :)

“Het was inderdaad erg mooi en leuk. We realiseerden ons niet zo wat we hadden, waardoor je eigenlijk nooit echt de waardering hebt gehad die je verdiende. Sorry.”

Dank.

Als je iets verkoopt, dan moet je er ook niet meer naar omkijken. Dat heb ik de laatste tijd ook weinig gedaan, al heb ik wel veel gedacht aan collega’s die nog midden in de integratie zitten. Ik heb het natuurlijk over Zoranet, mijn oude telco die inmiddels al weer drie jaar onderdeel is van dat hele grote Ziggo (waar ik nog altijd een verbinding van heb).

Eerder deze maand hief de telecomreus het merk op en deze week gaat ook het karakteristieke pand in Zwolle dicht. Een prachtige locatie die veel te groot was toen we het huurden, maar dankzij een uitgestelde verhuizing van de zittende huurder (Rechtbank) en onstuimige groei bij ons al bijna te klein was toen we er eindelijk in konden (maar gelukkig vonden we intern nog ergens een paar vierkante meter). Met zijn tuinen en geweldige bewoners was het Klooster een topplek om als bedrijf te kunnen zitten, behalve toen de bliksem insloeg en ik er ’s nachts met een zaklamp doorheen liep te dwalen op zoek naar … eh het licht?

Zoranet

Bijna 10 jaar Telecom was fun met veel hoogtepunten, een prachtige crew, toffe klanten en veel prijzen. Het was de periode dat de cloud doorbrak, we die roemruchte nieuwsbrief van Nederland maakten, ludieke dingen met klanten deden (en niet iedereen als klant accepteerde) maar ook cultureel en in de samenleving onze verantwoordelijkheid namen.

Als jarenlang hoofdsponsor van Toneelgroep Oostpool hadden we kippenvel bij Jeroen Willems die Brel deed (video boven). Ik heb die voorstelling misschien wel 20 keer gezien en draai de muziek nog regelmatig. En ook aan andere voorstellingen denk ik nog vaak terug, zoals de Nimfen en Niemandsverdriet.

We waren vanaf het begin ook groot sponsor bij PEC Zwolle en maakten alles mee: het voorkomen faillissement, promotie naar eredivisie, degradatie en wederom promotie, de bekerwinst, de supercup en Europees voetbal. Ik was er vaak, ook uit en heb ieder stadion van Nederland gezien, van Venlo tot Veendam en van Doetinchem tot Alkmaar. De Arena alleen voor die ene hoofdprijs en een keer op persoonlijke uitnodiging van Marcel en Maarten, want verder krijg ik daar jeuk. Voor al die mensen die nooit begrepen hebben waarom ik als fanatiek FC Utrecht supporter geld stopte in PEC Zwolle (ook met mijn 2 Zwolse bedrijven voor Zoranet): een bedrijf is meer dan een oprichter of een baas en ons hoofdkantoor stond in Zwolle en uit die regio kwamen de meeste medewerkers, dus daar sponsorden we de BVO. Behalve die keer dat FC Zwolle met 3-2 van Utrecht won en daarmee voorkwam dat mijn Utreg Europa in ging (Sorry Dirk!) heb ik daar nooit spijt van gehad.

L1004499

We deden jarenlang de Gouden Kalveren en toneelfestivals in Utrecht, hielpen Sea Shepherd, ondersteunden de handbal en hockey in Raalte, hielpen de tennis in Stadshagen/Zwolle overeind en hadden een paar jaar onze ‘eigen’ damclub. Ook festivals in de buurt hielpen we: Dauwpop, Bevrijdingsfestival Overijssel, Rock ’n Roll festival, Woefstok (voor honden en hun baasje), Love Boat en een Matthäus Passion in onze ‘eigen’ kerk. We ondersteunden talloze kleinere projecten rond zieke kinderen, maakten een boek over de Sint-Michaëlkerk in Zwolle mogelijk en waren er natuurlijk altijd voor onze Schotse rockers van Scrum! En dan hadden we onze eigen feestjes waar af en toe een voedsel- en waren-autoriteit opdook.

Het waren tien intensieve jaren, met heel veel nachtwerk. Een periode waarin ik trouwde en vader werd. En veel vrienden maakte (en wat vijanden). Een periode ook waarin ik de door mij zo geliefde detailhandel voor mijn neus zag instorten. Ik denk nog vaak aan de mannen die bij die retailers achter de schermen al die kassa’s in de lucht houden (of hielden) en de strijd die ze voerden (of voeren).

Maar het is goed zo.

Al had ik zelf een paar dingen wel beter kunnen doen.

Dus dat ben ik aan het proberen met mijn 12e 13e 14e zoveelste startup. Aangezien ik nooit twee keer dezelfde branche doe, probeer ik het nu in de marketing en media. Het leven als event. Jij hebt informatie nodig, Little Fox vindt het. Je wilt een verhaal vertellen? Regelen we.

L1009733

Zorgen over de vrijheid van internet in Rusland, zo lees ik bij BNR. De Ruslandkenner die er daar een boekje over open doet woont en werkt zelf in Amsterdam en realiseert zich waarschijnlijk niet dat zijn persoonlijke informatie DAGELIJKS door zijn mobiele – en vaste internetprovider wordt gekopieerd naar een database van de overheid: adres, locatie, product, emailadressen, ip nummers, etc. Al die data wordt in een grote bak samengevoegd met andere gegevens: pintransacties, bankinformatie, gemeentelijke info, belastingdienst en sinds kort ook de data die langs de weg wordt verzameld (je dacht dat die camera’s alleen je snelheid meten?). Het is inmiddels een mooi archiefje met tig jaar historie waar diverse overheidsdiensten ongecontroleerd toegang tot hebben.

Zorgelijk? Ja. En dan hebben we het verder nog niet over de talloze telefoongesprekken die medewerkers van telecomproviders dagelijks voeren met politiemedewerkers die zonder wettelijke grond op intimiderende toon en tegen elke afspraak, procedure en regel in gebruikersdata eisen. Dat is geen luchtfietserij, want als ex-eigenaar en directeur van een (grote) telecomprovider heb ik genoeg rechercheurs – die met foute argumenten data eisten – aan de telefoon gehad. Tel daarbij op dat Nederland de meeste mobiele gesprekken ter wereld afluistert en die bevoegdheden wil uitbreiden naar alle vaste netten.

En KPN kan daar nu wel moord en brand over schreeuwen, maar we weten nu al dat die gasten hun keutel intrekken op het moment dat de overheid handjeklap doet over die advertentie-blokker.

Face it: de overheid jaagt op onze privacy, al jaren.

Goed dat we in Nederland een mening hebben over de beperking van vrij en open Internet. Maar laten we dan alsjeblieft hier beginnen met openheid, voordat we onze bek open trekken over de buren.

UPDATE: als je bovenstaand interessant vindt, dan ga je dit ook waarderen.

Mijn laatste avondmaal

Reacties uitgeschakeld voor Mijn laatste avondmaal
oktober 31st, 2014 Permalink

Dag

Gisterenavond kwam middels een traditioneel afscheid een einde aan ruim tien jaar Roy & Zoranet. Een mooie avond met veel ex-collega’s en passende geschenken vol herinneringen. Dank voor de goede zorgen, de mooie woorden en de maaltijd. Een memorabele avond. Op vele vlakken!

Heel veel succes met Zoranet, Esprit Telecom & Ziggo. Een meevaller daarvoor sierde het nieuws vanochtend. Al het beste voor jullie persoonlijk.

Tot ooit!

Urgentie als belangrijkste verschil tussen Detron en Ziggo

Reacties uitgeschakeld voor Urgentie als belangrijkste verschil tussen Detron en Ziggo
oktober 23rd, 2014 Permalink

W00f2Ruim een week geleden schreef ik een eerste stuk over het verschil tussen Detron en Ziggo. Ik beloofde daar later op terug te komen. Dat doe ik hierbij.

Het grote verschil tussen beide ondernemingen is het gevoel voor urgentie. Detron is een challenger. Ze moet winnen om te overleven. Ziggo is een marktleider, waar niet willen verliezen het credo is. Ziggo wordt geregeerd door mensen die risico-mijdend zijn en via XLS sheets carrière willen maken. Bij Detron staat die factuur naar de klant centraal en daarbij past ook een wat meer dienstbare aanpak. Dat verschil bepaalt voor een belangrijk deel de besluitvorming van beide ondernemingen en dat is bepalend voor hoe ze met Zoranet en mij omgingen.

In 2004 waren we één van de vele kleine onafhankelijke internetproviders die op het bestaande kopernetwerk diensten leverden. De markt was super competitief en zat min of meer in de houtgreep van KPN, marktleider en eigenaar van dat kopernetwerk. Zoranet moest haar markt maken om te overleven. Als provider had je een paar instrumenten om je mee te onderscheiden. Wij kozen voor flexibiliteit, snelheid en toegankelijkheid. We ontwikkelden in een rap tempo specifieke producten voor niches. Daarmee gingen we de strijd aan om te overleven. Concurrenten van Zoranet waren altijd tig keer groter: Tele2, Ziggo, KPN, BT en Deutsche Telecom.

Veel tijd om te puzzelen was er niet en één project kon ons maken of breken. 2004 was financieel zwaar negatief en 2005 moesten we stevig heuvel op om het verlies binnen acceptabele grenzen te houden. Het was een doorlopende strijd tegen de tijd, waarbij creativiteit en innovativiteit aangewakkerd werden door de beperkte beschikbaarheid van financiële middelen. Business cases waren altijd ondergeschikt aan intuïtie. Zoranet was lean and mean georganiseerd en opereerde volgens een grow as you go model.

Na stevige groei sloten we ons in 2011 met een goed marktaandeel in het maatwerksegment Retrail aan bij Detron. Zij benaderde de overname pragmatisch, met respect voor onze succesfactor. Als Zoranet vocht Detron dagelijks om te overleven en daarom snapte ze hoe wij de wereld zagen. Als Zoranet wilden ze een probleem oplossen zonder daar 20 keer over te praten. Natuurlijk waren er rapportages nodig, maar ze begrepen maar al te goed dat corporate overhead killing was voor Zoranet.

Als kleine provider ben je bezig met je cash flow en personeel, maar vooral met je netwerkbelasting, de status van je apparatuur en de werkelijke performance aan de frontlinie. Je kijkt natuurlijk ver vooruit, want je hebt geen buffer om grote tegenvallers op te vangen. Het snappen van je doelgroep, de markt, de wetgeving, de arbeidsmarkt en het voorspellen van die optelsom is essentieel. Intuïtie doet de rest.

Detron begreep dat een kleine club niet is ingericht op een hele serie ‘vreemde’ rapportages, hoe kort, klein, eenvoudig en voor de hand liggend die voor de grotere club wellicht ook mogen zijn. Detron accepteerde niet alleen de situatie, maar faciliteerde de transitie naar aansluiting bij hun model voor de broodnodige informatie. Onze cijfers waren immers nodig voor verantwoordingen naar stakeholders. Ze leverden ons een een rapportagemodel aan en hielpen bij realisatie van de aansluiting van onze systemen op hun behoefte. Dat verliep initieel stroef, maar problemen werden na overleg rap opgelost. Belasting viel mee aan onze kant. Het resultaat was een business unit die mee ging in de corporate rapportages, maar zich kon blijven focussen op de operatie en het rendement daarvan.

Ziggo nam Zoranet in 2013 over en benaderde ons precies andersom. Ziggo heeft nog nooit voor haar leven hoeven te vechten en ‘ondernemen’ bestaat in de hoofden van een paar bestuurders, die de geromantiseerde versie vertaald hebben naar een vinkje in een gedateerd HRM model. Over problemen kan eindeloos gesproken worden. Deadlines zijn data waarvan iedereen op voorhand al begrijpt dat ze niet gehaald worden en een berg business consultants verzorgt excuses en verhalen. Ik heb dat nooit goed kunnen begrijpen, aangezien er super intelligente mensen bij Ziggo werken. Het zijn mensen die echt vooruit willen, maar die zich op voorhand al neerleggen bij niet gehaalde deadlines, ontevreden klanten en eindeloze vergaderingen. Ziggo snapt wel goed wat de beperkingen van het eigen model zijn, maar heeft geen idee over hoe een klein bedrijf de wereld ziet, dan wel wat de impact van een ogenschijnlijk simpel verzoek op een kleine club is.

De interne organisatie van Ziggo werd gespiegeld op Zoranet en we moesten mee in die stroom. Iedere functie had een peer met een overlegstructuur en een passende XLS. Een serie waarschuwingen over de druk voortkomend uit deze overlegcultuur werd gehonoreerd met twee extra wekelijkse vergaderingen om één en ander te evalueren en om zaken beter op elkaar af te stemmen. Bij Ziggo vonden ze het humoristisch en/of vreemd dat Zoranet medewerkers meerdere petten op hadden en dat de directeur nog altijd een hele berg operationele verplichtingen had en zelfs 1-op-1 met klanten dealde. Contact met klanten was voor Ziggo-directie iets uit het verleden, toen ze nog als account-manager naar een CRM pakket keken.

Bij Ziggo is van decentrale besluitvorming geen sprake. Alles gaat van MT naar MT en zonder business case gebeurt er niets. Diverse managers zijn tot grote ergernis van hun eigen collega’s gespecialiseerd in het traineren van besluitvorming, want de verantwoordelijkheid die dat met zich meebrengt is maar eng. Ziggo-medewerkers vonden het bijzonder vreemd – maar wel übercool – dat Zoranet medewerkers in vergaderingen wel zelfstandig beslissingen namen, zonder een manager of een directeur in te schakelen.

Afdelingen en systemen die bij Ziggo voor de gewenste cijfertjes zorgden, bestonden bij Zoranet niet. Een heel scala aan KPI’s was binnen Ziggo essentieel en budgettaire ruimte voor broodnodige personele uitbreidingen om deze cijfers te realiseren was er bij Zoranet niet. Ondersteuning vanuit Ziggo was minimaal, dus Zoranet medewerkers moesten het er maar bij doen. Meer werkdruk heeft natuurlijk een grens, zeker bij een organisatie die lean and mean is ingericht. Pas na diverse escalaties over onacceptabele werkdruk en een persoonlijk appèl kwam er eenmalig 40 uur ondersteuning door een specialist. Dat lijkt en is weinig, maar wij waren er verschrikkelijk blij mee en die inzet heeft ons fantastisch geholpen. Het was jammer dat de ondersteuning daar opdroogde en dat er additioneel geen ruimte werd gemaakt voor versterkingen . Gevolg was aanhoudende werkdruk op non-corebusiness en hoe je het ook wendt of keert: dat gaat uiteindelijk ten koste van die core-business, want je kunt je tijd maar één keer besteden.

Ook bij Ziggo gaan tijden veranderen. De overname door LGi maakt een eind aan de vette jaren, aangezien rendement aangewend zal worden voor nieuwe overnames (en om rente te betalen). Dat wordt een mega cultuurshock, aangezien uitgedunde afdelingen zullen moeten vechten om te overleven. HRM zal worden gemoderniseerd. En wie weet brengen die acties enige beleving bij hoe een kleine club de wereld ziet. Dat is broodnodig, want in toenemende mate zijn kleine partijen die over the top hun diensten leveren – denk aan Netflix – de echte concurrenten van Ziggo. Wil je die succesvol bestrijden, dan zul je moeten snappen hoe ze denken en opereren.

Soft_sim_selector

Weet je nog hoe het vroeger was? De telco bepaalde welk toestel je op hun netwerk kon en mocht gebruiken. En de telco verkocht je dat ook. Denk aan de Primafoon-winkels en die hoekige Alcatel toestellen die KPN (of was het toen nog PTT?) je daar probeerde te verkopen. Apple introduceerde gisteren de soft sim als onderdeel van de nieuwe iPad en kan gaat daarmee bepalen met welk netwerk je hun apparaat mag gebruiken. En dat netwerk gaan ze je ook verkopen. Nu is het Apple. De rest zal spoedig volgen. Interessante ontwikkeling, met voor- en nadelen. Een paar gedachten.

Met een vaste sim in een toestel bied je een gebruiker een optimale errvaring. Out-of-the box een netwerk kiezen en online. Weg is het klooien met de sim en het gedoe met vage telco-contracten. In theorie zou je per dag of zelfs per moment kunnen switchen, gewoon met een vinkje. Net zoals nu schakelt tussen WiFi netwerken. Dekking bij KPN ruk? Even voor een uurtje switchen naar T-Mobile of Vodafone. Wel zo makkelijk.

Je zit als gebruiker niet meer vast aan een netwerk en dat geeft wat meer controle aan die gebruiker. Op het eerste gezicht tenminste, want uiteindelijk gaat de fabrikant welke netwerken je in theorie kunt gebruiken.

Interessant ook bezien vanuit de regelgeving. De telecommarkt wordt steviger gereguleerd, dan de hardwaremarkt. De Europese commissie heeft tegenwoordig zelfs een mening over internationaal roaming en de daarvoor berekende tarieven. Om maar wat te noemen. En daarmee zegt ze ook iets over de marges. Als de telco niets meer kan verdienen, wat wordt er dan nog in het netwerk geïnvesteerd?

Omdat connectivity-marges onder druk komen, proberen telco’s in toenemende mate hun poen te verdienen met over the top diensten. Wat als een telco een concurrerende dienst levert aan de fabrikant. Een televisiedienst of een social network, etc. Wordt dit netwerk dan geschrapt uit het aanbod?

Hier gaat Brussel zeker het nodige van vinden.

XTRA_Roy

En plots heb ik een lege agenda. Relatief leeg is wellicht de betere aanduiding. Na bijna 15 jaar volcontinue ondernemertje gespeeld te hebben met veelal meerdere bedrijven naast elkaar, nam ik bijna twee weken terug definitief afscheid van mijn laatste. Een beslissing die ik drie jaar geleden nam, maar waar ik de uitvoering van bleef uitstellen, omdat ik mijn werk gewoon te leuk vond. Voor de zomervakantie waren er reeds geen excuses meer, dus was de tijd rijp. Maar wat ga ik met al die tijd doen?

Voordat ik die vraag ga beantwoorden, moet ik mijn hoofd leegmaken. Dat zit nu nog vol met de ervaringen bij Detron en Ziggo, de één een onderneming, de ander een instituut. Veel geleerd bij beide. Ook veel gelachen. Die recente gebeurtenissen onderdrukken eerdere avonturen in binnen- en buitenland met mijn softwareclub. Een machtige ervaring die ik nooit echt heb kunnen verwerken omdat ik tijdens de afsluiting in 2008 reeds vol in Zoranet zat. Dus volgt nu een periode van relatieve rust met tijd voor mijn dochter, die Leica en de verwerking.

Hoewel ik snap dat de online wereld deels verhuisd is naar Facebook, Instagram en Twitter, zal ik de verslaglegging vooral via dit blogje doen. Voor mijn eigen oude dag. Dan heb ik tegen die tijd wat te lezen.