Van stinkzwam naar popcorn

Reacties uitgeschakeld voor Van stinkzwam naar popcorn
september 23rd, 2017 Permalink

De tas

Reacties uitgeschakeld voor De tas
september 16th, 2017 Permalink

Ze was er het grootste deel van de dag druk mee: tasjes voor de spelletjes die ze via markten en braderieën verkoopt. Ze ontwierp zelf het logo, kreeg wat hulp van mama bij het maken van de stempel, maar deed de rest weer helemaal zelf.

Tijdens het stempelen praatte ze in zichzelf. De meest bijzondere zin die ik toevallig opving vond ik: “We zijn natuurlijk geen hobbits.”

Living history day

Reacties uitgeschakeld voor Living history day
september 15th, 2017 Permalink

Op 17 september organiseert Swifterkamp bij Lelystad de Living History Day 2017. Wij bezochten editie 2016 en waren onder de indruk van de grootschaligheid. De Living History Day laat je het dagelijks leven zien vanaf de prehistorie tot de middeleeuwen en voor kinderen zijn er allerhande bijpassende educatieve activiteiten.

Vorig jaar troffen we groepen acteurs uit Nederland, Duitsland en België. Voor liefhebbers van geschiedenis een must. Heb je kinderen en wil je ze inspireren? Gaan!

Toegang is gratis en voor een klein bedrag koop je een activiteitenpas. Een vrijwillige bijdrage wordt gewaardeerd. Meer over Swifterkamp vind je hier.

50

Reacties uitgeschakeld voor 50
september 12th, 2017 Permalink

 

Als ik zonder missie een lens pak, dan is dat een 28MM. Soms een 35MM, of een 18MM. Maar heel zelden pak ik een 50MM. Terwijl ik er zat heb. En sterker nog: enkele van mijn meest bijzondere lenzen zijn 50MM.

Raar eigenlijk.

Zeker als ik in mijn bibliotheek met 23.000 foto’s naar de statistieken van de afgelopen 5 jaar kijk. 21% schoot ik met een 50MM, terwijl mijn geliefde 28MM met (slechts 9%) een goede nummer 2 is.

Blijkbaar doe ik toch meer met die 50’s dan mijn gevoel zegt.

Of ik maak met die 50MM meer foto’s die ik bewaar, dus beter vind.

Meer oefenen dus met die 28MM. En die 35. 18. 12.

Wat is jouw favoriete lens? Ben jij ook van de manuele primes of heb je liever zoom-objectieven?

Weet jij nog waar je was?

Reacties uitgeschakeld voor Weet jij nog waar je was?
september 11th, 2017 Permalink

Het gaat over die aanslag op de Twin Towers op 11 september 2001. En ja, ik weet nog waar ik was. En ik weet ook hoe ik het hoorde.

Op kantoor van mijn e-commerce software-startup in Zwolle bracht ik een klant naar de parkeerplaats. Op de weg terug naar mijn werkplek checkte ik mijn email op mijn Palm Treo Smartphone. Het nieuwste bericht kwam van mijn collega Peter en had een foto als bovenstaand (niet die maar wel dat idee: gast op flat met een vliegtuig vlak achter hem) met de tekst “heeft iemand iets van mijn broer gehoord, dit is de laatste foto die ik van hem heb.”

Peter deed front-end werkt (HTML indertijd), was een meester met pixel-art (top-guru deluxe) en had altijd wilde visuele grappen. Ook dit was vast een grap, al kon ik hem toen niet plaatsen.

Binnen was drukte. Er werd een beamer aangesloten en in no-time stond CNN op de muur. Ik zag het WTC en rook, maar begreep niet wat er aan de hand was. Richard (DEV) legde het uit, maar werd onderbroken door een telefoontje van de directeur van een medische groothandel die al wat jaren klant was. We wisselende wat woorden uit, maar hij hing direct op, toen zijn secretaresse inbrak en hem vertelde wat er aan de hand was. Mijn aandacht ging terug naar het bewegend beeld: “Er is een vliegtuig in gevlogen!”

Een vliegtuig?

Holy shit.

Weer ging mijn mobiel. Wim, van onze koeriersdienst. Broer van Richard: “Heb je het nieuws gevolgd?” Ja … en toen klapte het 2e vliegtuig erin. Ongeloof. “Was dat een ander vliegtuig” vroeg Wim, inmiddels op de speaker.

We hadden geen idee.

Ja dus. Nog altijd moeilijk te bevatten.

Ook niet te bevatten is de snelheid waarmee ik die eerste afbeelding op de mail kreeg. Die kreeg ik dus vlak nadat het eerste vliegtuig in het WTC gevlogen was en ruim voor de 2e. Ongelofelijk hoe snel het menselijk creatieve brein soms werkt.

Ik weet eigenlijk nog steeds niet of Peter wel een broer heeft.

 

Duitsers

Reacties uitgeschakeld voor Duitsers
september 10th, 2017 Permalink

>>>> Deze column verscheen eerder op Duitslandnieuws.nl.

Het is koud en er waait een gure wind de kraam in. Ik heb het over 1996 als ik met vis op de markt in Dinxperlo sta (zoals we bijvoorbeeld in deze podcast bespraken).

Het is een kleine markt, maar door de vele Duitse bezoekers financieel razend interessant. Bij ons kom je voor kwaliteit. Veel voor weinig koop je aan de overkant, een lokale visboer die een stuk vrijer omgaat met termen zoals ‘vers’ en ‘hygiëne’. Het merendeel van de Duitsers winkelt bij ons.

De meeste klanten staan op één van de vele campings in de Achterhoek of rond Bocholt. Ze komen uit het Ruhrgebied, maar ook uit Rijnland-Palts, Saarland, Hessen en Nedersaksen. De voertaal aan de kraam is Rudi Carells en er wordt betaald in Deutsche Mark.

We hebben een ruim assortiment vis: vers, gebakken, gerookt en ingelegd. Ook mosselen, oesters en schaaldieren. En we zijn er altijd. Weer of geen weer. Dientengevolge hebben we heel veel vaste klanten.

Een van die vaste klanten is een Duitser van rond de 50 jaar. Hij komt tweewekelijks, altijd zo aan het begin van de markt en koopt steevast voor zo’n 250 DM. Dat maakt hem voor een visboer een grote klant. Als ik hem help dan praten we over het weer, de wereld en de sfeer op de markt. Ik probeer het gesprek altijd wel persoonlijk te maken, maar hij laat dat niet toe. Ik help hem inmiddels bijna drie jaar, maar weet niets van hem.

Ook nu kiest hij weer een uitgebreid assortiment spullen en we hebben een leuk gesprek. Als hij wil afrekenen blijkt hij geen geld bij zich te hebben. Hij schrikt zich een hoedje, want hij is zijn portemonnee kwijt. Wellicht gestolen, mogelijk thuis vergeten.

Ik zie hem denken en biedt hem aan dat hij de spullen meeneemt en over twee weken komt betalen. Ik zie daar geen probleem in, aangezien hij al jaar en dag vaste klant is. Al mijn collega’s kennen hem. Maar hij voelt zich er niet lekker bij: “U weet helemaal niet wie ik ben”.

Daar heeft hij in beginsel gelijk in, maar met iemand die je al jaren iedere twee weken ziet, heb je wel een andere band dan met iemand die voor het eerst komt. Ook al weet je van beide niets.

Rood hoofd

Hij kijkt een paar keer naar de tassen op de toonbank en twijfelt. Met een rood gezicht gaat hij uiteindelijk akkoord, maar wel onder de uitdrukkelijke voorwaarde dat hij eerst een visitekaartje uit zijn auto mag halen, voordat hij de vis aanneemt. Hij wacht mijn antwoord niet af, laat de tassen staan en schuifelt over de sneeuw richting parkeerplaats.

Het is druk, dus ik zet de spullen in de koeling en terwijl ik de vis van volgende klant inpak overleg ik met een collega over de situatie. Op basis van het accent, de regelmaat en de grote hoeveelheid die hij koopt, vermoed ik dat die man best een eind rijdt. Ik kan me niet voorstellen dat hij alleen voor vis naar Dinxperlo komt.

Binnen vijftien minuten wappert hij het visitekaartje voor mijn neus. Ik pak het aan en stop het zonder te kijken in de zak van mijn schort, want we zijn druk. Voordat ik hem daarna de tassen geef, vraag ik wat hij normaal nog meer aan boodschappen doet en of hij daar een paar mark extra voor wil lenen. Weer twijfel, maar uiteindelijk vraagt hij om 100DM voor groente en fruit.

Vertrouwen

Na een lange koude dag glibberen we met auto’s en aanhangers terug naar Winterswijk. We nemen de dag door en die gebeurtenis met die Duitser passeert de revue: “Wat staat er eigenlijk op dat kaartje?”.

Goeie vraag en ik trek het uit mijn schort. Schoon en ongekreukt is het niet meer, maar de gedrukte contactinformatie is duidelijk leesbaar. Met pen zijn er twee telefoonnummers en een voornaam bijgeschreven. De klant blijkt een hoge politie-beambte uit de regio Keulen.

Als we twee weken later op de vroege ochtend de markt op rijden, staat hij ons al op te wachten. Of hij gelijk kan betalen. En als dank voor het vertrouwen heeft hij een aardigheidje uit de streek bij zich. Hij koopt die week geen vis, want hij moet zich haasten naar het vliegveld in Düsseldorf, waar vandaan hij die middag voor vier weken naar zijn dochter in Amerika vertrekt: “Ze gaat trouwen, weet je.”

>>>> Meer van mij op Duitslandnieuws.nl

Cash?

Reacties uitgeschakeld voor Cash?
september 9th, 2017 Permalink

Bij gebrek aan ontbijt dacht ik bij een grootgrutter op een station even snel iets te eten te kopen. De losse Euro in mijn zak bleek precies genoeg voor een zak wortels met bleekselderij. Buitengewoon goede aanvulling op mijn dieet van vlees en wijn. Een slecht idee volgens de millennial die me aan de kassa … eh … te woord stond.

“Een munt? Heeft u geen pin?”

– “Jawel, maar die pas zit in mijn tas dus dit is sneller.”

“Voor u ja. Pin graag.”

– “Sinds wanneer accepteert u geen contant geld meer?”

“Dat doen we wel hoor. Maar ik niet.” *glimlach, knipoog*

– “Hier heeft u de euro. Fijn weekend.”

“Echt niet.”

Waarna een onvriendelijke woordenstroom volgde die werd onderbroken door de volgende klant, maar toen was ik al buiten.

Het sleepnet

Reacties uitgeschakeld voor Het sleepnet
september 6th, 2017 Permalink

 

“Bent u Roy van Veen, directeur van het telecombedrijf met registratienummers <nummer> en <nummer> dat het draadloze netwerk in de binnenstad van <plaatsnaam> beheert?”

– “Ja, dat ben ik.”

“Ik ben <naam> en werkzaam als <functie> bij de politie en zoals u misschien heeft gehoord is er een aanslag gepleegd op een restaurant. Wij willen van u graag alle informatie die u via het draadloze- en vaste netwerk heeft opgeslagen voor het onderzoek naar de dader.”

– “Welke informatie zoekt u precies?”

“Mobiele apparaten die u op het netwerk geregistreerd heeft, hoe gebruikers die avond en nacht door de stad gelopen zijn, wat ze op het netwerk gedaan hebben en alle historie die u heeft met e-mailadresen, nummers en apparaten op en rond die specifieke locatie, inkomend en uitgaand. En alle gebruikersinformatie voor zover u daarover beschikt, liefst zo lang mogelijk terug.”

– “Op het hele netwerk in de binnenstad?”

“Ja.”

– “De telecombranche heeft met justitie afspraken gemaakt over hoe u aan die informatie kunt komen, voor zover wij die hebben. Ik ontvang conform die afspraken graag het formele verzoek op faxnummer <nummer>.”

“Ja, van die procedure ben ik op de hoogte. U weet ook dat het weken gaat duren voordat u die fax heeft. Dat helpt het onderzoek niet.”

– “Die data, voor zover we die hebben, loopt niet weg. Ik ontvang graag uw fax.”

“U begrijpt de ernst van de situatie niet meneer Van Veen. Er is een aanslag gepleegd en de dader loopt vrij rond. Wij hebben die informatie nodig om hem op te pakken om te voorkomen dat hij meer slachtoffers maakt.”

– “Hij? U bent blijkbaar al ver met een profiel. Maar volgens het nieuwsbericht wonen er 40 studenten in het complex boven het restaurant en zijn er nog 20 andere woningen in de directe omgeving. Als ik uw vraag invul ga ik u de internet-historie van die avond van tenminste 40 gezinnen doorgeven en daarmee hun privacy schenden. Als we over de ‘hele binnenstad’ spreken dan gaat het over duizenden mensen. Als ik dat in het kader van het onderzoek moet doen, dan ontvang ik conform de afspraak graag het fax-bericht.”

“Dat duurt weken en u weet ook dat we dan niet vrijelijk met die data om kunnen gaan. Juist voor het onderzoek is dat van belang.”

– “Dit wil ik even goed begrijpen om vast te kunnen stellen of ik u ga helpen. U wilt onbeperkt kunnen grasduinen in de data die we kunnen aanleveren en omdat de formele procedures dat verbieden doet u een informeel beroep op mij om u buiten alle procedures om de netwerkdata op een harddisk (of zo) aan te leveren? Het proces is dus niet te traag, maar beperkt u in uw onderzoeksmogelijkheden.”

“Eh … ja. Aan een harddisk had ik nog niet gedacht, maar dat is een goed idee.”

– “Moet u dan niet het werkproces aanpassen, zodat de privacy van de burger niet meer in de weg staat? U vraagt mij nu om een strafbaar feit te plegen en de privacy van duizenden mensen ondergeschikt te maken aan uw verhaal en een nieuwsbericht.”

“Ik ga niet over de afspraken met de telecombranche. Ik probeer gewoon mijn werk te doen. Net als u. En ik vraag om wat hulp en daar heeft u verder geen last van.”

– “Waar ik emotioneel of principieel wel of geen last van heb, dat is nog altijd aan mij. Ik wacht op uw fax.”

“Dat valt me ernstig tegen. U helpt hiermee een misdadiger en verstoort het onderzoek. Dat heeft consequenties voor uw organisatie en uw persoon. Ik maak hier een notitie van en u hoort van ons.”

– “Ik wacht op uw fax. En mag ik even uw naam controleren. Schrijf ik het een G of een K?”

“Dat gaat u verder niets aan.”

 


 

Dit betreft een gebeurtenis uit 2012. De beloofde fax kwam nooit en ik ontving van justitie nooit een reactie op mijn brief waarin ik mijn ergernis uitspreek over het structureel negeren van het afgesproken protocol tussen telecombedrijven en justitie. Bij die brief zaten een aantal transcripten van gesprekken, waaronder deze, met naam en toenaam (het was een K). In de kader van de afspraak tussen justitie en telecom noem ik plaats, datum en namen niet.

De veronderstelde aanslag bleek later een gevalletje verzekeringsfraude: de eigenaar van het restaurant had de boel in de fik gestoken voor zijn eigen gewin en daarmee het leven van 40 studenten (“verdachten” volgens de justitiemedewerker die mij belde) in de waagschaal gesteld.

Als u het gedrag van die justitiemedewerker helemaal top vindt, dan doet u niets. Hecht u aan uw privacy en wilt u zo’n toekomst niet, dan checkt u dit even.